Immaterieel erfgoed & Toerisme

Als er binnen de immaterieel erfgoedsector wordt gesproken over toerisme, dan is dat meestal in termen van ‘kans’ of ‘bedreiging’? Het Kenniscentrum Immaterieel Erfgoed Nederland wil deze vermeende tegenstelling overstijgen en werken aan een Kennisagenda voor toerisme en immaterieel erfgoed die kan leiden tot bruikbare handreikingen voor beide. De Kennisagenda voor het dossier ‘Toerisme en immaterieel erfgoed’ wordt ontwikkeld in samenspraak met Hogeschool Zuyd, Saxion Hogeschool, Hogeschool Breda en Hogeschool InHolland.

Dames op de berrie_kaasmarkt_Alkmaar.jpg

Sommige vormen van immaterieel erfgoed kunnen van oudsher rekenen op de belangstelling van bewoners, bezoekers uit de regio en van toeristen van elders. Denk aan de Kaasmarkt in Alkmaar en de Brabantsedag in Heeze. Ook minder traditionele vormen van immaterieel erfgoed, zoals het Zomercarnaval in Rotterdam of de Pride in Amsterdam, trekken veel belangstellenden waaraan dit immaterieel erfgoed voor een deel zijn betekenis ontleent. Lokale overheden profileren zich graag met dit soort evenementen, omdat de evenementen bijdragen aan de sociale cohesie.

Bloemencorso Zundert Van Gogh

Bloemencorso in Zundert trekt elk jaar veel bezoekers.

Alle rechten voorbehouden

Daarnaast spelen economische belangen een rol; het immaterieel erfgoed wordt dan ingezet als marketing tool in het kader van city marketing om de eigen gemeente, stad of het eigen dorp op de kaart te zetten. Voor erfgoeddragers, die het evenement mede zijn invulling geven, biedt toerisme de mogelijkheid voor een nieuw en betekenisvol kader, waarbinnen immaterieel erfgoed gepraktiseerd, gekapitaliseerd en beleefd wordt. Mede dankzij toeristen en ondersteuning van sponsoren zoals zuivelproducent Campina, kan de kaasmarkt in Alkmaar gedurende de zomermaanden nog elke vrijdag georganiseerd worden. Ook de rol van de gemeente is onmisbaar; zij faciliteert vergunningen en de infrastructuur.

Dilemma’s

De symbiose tussen cultuur en toerisme is complex en niet vanzelfsprekend. Het culturele erfgoed is in eerste aanleg niet in het leven geroepen om als toeristische attractie dienst te doen, in tegenstelling tot bijvoorbeeld pretparken. Zo hadden ook historische gebouwen die dankzij de officiële status van monument aantrekkelijk zijn geworden voor toeristen, oorspronkelijk een andere functie dan die van publieke bezienswaardigheid. Hierdoor kan het zijn dat deze gebouwen te kwetsbaar blijken voor openstelling en commerciële exploitatie. De toeristische functie van een monument kan haaks staan op het streven naar instandhouding. Traditioneel is er dan ook altijd sprake geweest van een zekere spanning tussen de toeristische sector en de culturele sector. In het bijzonder de partijen die zich richten op het ongeschonden behouden van het cultuurpatrimonium hebben moeite met toeristisch medegebruik. Commercialisering van het cultuurgoed door toeristische productontwikkeling en conservering door beschermende maatregelen lijken tegenstrijdige en onverenigbare doel­stellingen. Het spanningsveld tussen de verschillende actoren die binnen het gebied van cultuurtoerisme opereren om hun doelen met geëigende middelen te realiseren, kan als volgt vereenvoudigd worden weergegeven:  

Spanningsveld.jpg
(Wil Munsters, Cultuurtoerisme, Garant, Antwerpen-Apeldoorn, 2007, p. 91-92). 

Praktische kwesties zoals crowd management  hangen samen met het geschikt en aantrekkelijk maken van erfgoed voor toeristisch gebruik. Het stelt de betrokkenen wel voor een ethisch dilemma. Immers, hoe ver kun je gaan in het aanpassen of commodificeren van immaterieel erfgoed voor toerisme? De discussies concentreren zich vaak op het begrip ‘authenticiteit’. Vanwege de vele verschillende connotaties die het begrip authenticiteit kan hebben, wordt het in de UNESCO Conventie van het Immaterieel Erfgoed vermeden. Juist vanuit het perspectief van immaterieel erfgoed en toerisme is het echter belangrijk om er onderzoek naar te doen, omdat ‘authenticiteit’ voor zowel erfgoeddragers als toerisme vaak een kernwaarde is. Vanuit marketingperspectief wijdden James Gilmore en Joseph Pine er een invloedrijk boek aan: In Search of Authenticity.  

Tegenover de ervaring van authenticiteit binnen een subjectivistisch wereldbeeld zoals uitgedragen door Pine en Gilmore staat het objectivistisch wereldbeeld waarin de intrinsieke waarde van immaterieel erfgoed als object voorop staat bij de ontdekking door het subject, in casu de toerist. (Marjan Melkert, 'De authenticiteitsaudit: een nieuw model voor het analyseren en meten van de authentieke waarde van cultuurhistorische landschappen', in Vrijetijdstudies 30e jaargang, nr.4, 2012, pp. 21-29)

Onderzoek 

In diverse landen wordt gewerkt aan praktische handleidingen over het vermarkten van immaterieel erfgoed op een manier die voor erfgoeddragers acceptabel en aantrekkelijk is. In Zwitserland verscheen al een Leitfaden, bedoeld voor zowel de toeristische sector als de sector van het immaterieel erfgoed. UNESCO zelf verkent de kansen en mogelijkheden voor toerisme van het verduurzamen van tradities. De World Tourism Organization publiceerde enkele jaren geleden het rapport Tourism and Intangible Cultural Heritage, met vele praktische casestudies en handreikingen. Interessant is dat in beide perspectieven het begrip ‘duurzaamheid’ een belangrijke rol speelt. Toerisme-onderzoeker Wil Munsters introduceerde het concept ‘cultural tourism sustainability mix’. Ten behoeve van de ontwikkeling van toerisme is het, volgens hem, belangrijk een evenwicht te vinden tussen de belangen van de host community (de erfgoeddragers), de wensen van het toeristisch publiek – dat (immaterieel) erfgoed wil ervaren en beleven –en de toeristische industrie. Duurzaam toerisme dient te zijn gericht op de wederzijdse afstemming van de uiteenlopende belangen van de stakeholders en het zoeken naar een afgewogen balans hiertussen. Gebundeld in onderlinge harmonie en synergie vormen deze belangen de toeristische duurzaamheidsmix.

Schema.jpg

(bron: naar Hans Slangen en Wil Munsters, “Evenementenmonitoring. Van rendementsmeting naar impactevaluatie”, in Vrijetijdstudies 34e jaargang, nr.1, 2016, p. 19)

Relatie tussen toerisme en immaterieel erfgoed

Binnen het bredere kader van toerismestudies wil het Kenniscentrum Immaterieel Erfgoed Nederland onderzoek entameren naar de relatie tussen toerisme en immaterieel erfgoed, dat ook een praktische vertaling krijgt. Het Kenniscentrum zoekt daarbij samenwerking met de vier hogescholen die zich bezighouden met praktijkgericht onderzoek op het gebied van toerisme: Hogeschool Zuyd (met een lector toerisme en cultuur), de opleiding ‘Innovatie hospitality management’, Saxion Research Centre Hospitality Hoger Toeristisch en Recreatief Onderwijs Hogeschool Inholland Rotterdam en Breda University of Applied Sciences.

Tijdens Inspiratiedagen van het Kenniscentrum op 30 september in Zwolle en 28 oktober 2017 in Tilburg werden de eerste plannen gepresenteerd voor de programmalijn. Tijdens deze dagen werden ervaringen met betrekking tot toerisme tussen erfgoeddragers uitgewisseld. Ook werden de behoeften van de erfgoeddragers omtrent dit onderwerp verkend. Is er genoeg kennis over de toeristische marktwaarde van bepaald immaterieel erfgoed? Is er behoefte aan (betere) samenwerking met lokale overheden of andere partijen? Binnen welke bandbreedte kunnen en willen erfgoeddragers zich bewegen met betrekking tot (over)commercialisering enerzijds en kwesties rondom authenticiteit en kernwaarden anderzijds?

De eerste onderzoeken zijn al uitgevoerd, onder meer via de Hogeschool InHolland, waar Jeffrey van Gelder een scriptie schreef over het Kaasdragersgilde in Alkmaar en de relatie tussen toerisme en immaterieel erfgoed. Daarnaast is er al een concreet project gestart; mede dankzij een provinciale subsidie kon het Kenniscentrum Immaterieel Erfgoed Nederland met een student van InHolland, Claire Oort, een pilot starten in de provincie Overijssel. In deze pilot wordt verkend  hoe onderlinge samenwerking van de immaterieel erfgoedgemeenschappen in Overijssel het aanbod van immaterieel erfgoed van deze provincie kan versterken. Dit mede in samenhang met het provinciaal beleid dat zich inzet voor het versterken van het toeristisch imago van deze provincie met betrekking tot erfgoed en regionale identiteit. De resultaten van deze pilot worden eind 2018 in Zwolle gepresenteerd.

Activiteiten

Het onderzoek op de Kennisagenda van het Kenniscentrum Immaterieel Erfgoed Nederland richt zich op het spanningsveld tussen authenticiteit en (over)commercialisering. Dit onderzoek, dat ontwikkeld wordt in samenspraak met bovengenoemde expertisecentra, richt zich op immaterieel erfgoed als toeristische bestemming en op de specifieke uitdagingen die daarbij spelen, met als speciaal aandachtspunt de immaterieel erfgoedgemeenschappen die dit erfgoed maken en ‘beleefbaar’ maken. Het onderzoek dient een praktische relevantie te hebben, bijvoorbeeld door te experimenteren met toeristische producten, die het toeristisch aanbod op het terrein van immaterieel erfgoed versterken.

Vanuit het bottom-up principe van de UNESCO Conventie wil het Kenniscentrum participatieve vormen van onderzoek bevorderen, waarbij erfgoedgemeenschappen, bijvoorbeeld door middel van interviews, betrokken worden bij het inventariseren van concrete uitdagingen en mogelijke oplossingsrichtingen. Daarbij worden de verschillende stakeholders goed in kaart gebracht.

Wat het Kenniscentrum biedt is kennis en knowhow over de concrete dilemma’s waar immaterieel erfgoedgemeenschappen voor staan en waar het onderzoek zich concreet op kan richten. Onderzoek kan de vorm aannemen van kleine en grotere projecten;  studenten kunnen er ook deel van uitmaken.

 

Publicaties

  • Kirshenblatt-Gimblett, Barbara, Destination Culture. Tourism, Heritage and Museums. London: University of California Press 1998.
  • Hochschule Luzern, Lebendige Traditionen und Tourismus. Ein Leitfaden zur Angebotsgestaltung und vermarktung (Luzern 2012).
  • Safeguarding Intangible Heritage and Sustainable Cultural Tourism: Opportunities and Challenges (UNESCO-EIIHCAP Regional Meeting, Hué, Viet Nam, 11-13 December 2007).
  • United Nations World Tourism Organization: Tourism and Intangible Cultural Heritage. Madrid: UNWTO 2012.
  • Van der Zeijden, Albert: ‘Cultural Tourism and Intangible Heritage: A Critical Appraisal and Practical Guidelines’, in: Munsters, Wil & Marjan Melkert (red.), Anthropology as a Driver for Tourism Research. Antwerpen/Apeldoorn 2005, 191-202.
  • Jeffrey van Gelder (Hogeschool InHolland Rotterdam) schreef in opdracht van het Kenniscentrum Immaterieel Erfgoed Nederland zijn afstudeerscriptie over de Kaasmarkt in Alkmaar. Daarin gaat hij in op het spanningsveld tussen erfgoed en toerisme. Hij brengt de verschillende stakeholders in kaart die betrokken zijn bij de organisatie van de kaasmarkt in Alkmaar: het Kaasdragersgilde, de gemeente Alkmaar, de sponsors, de lokale musea en de plaatselijke VVV en hij beschrijft hoe er (soms) wrijving ontstaat tussen deze stakeholders en hun uiteenlopende belangen. Deze scriptie kan hier worden gedownload.

 

Alle rechten voorbehouden