Beschrijving

Maasheggenvlechten is van oudsher een manier om heggen veedicht te maken. Kenmerkend voor de maasheggenstijl is het gebruik van alleen levend materiaal, bij voorkeur meidoorn, dat in de heg aanwezig is. Hierdoor wordt de heg met de jaren steeds sterker en dichter. Maasheggenvlechters gebruiken alleen handgereedschap en werken alleen in de winterperiode. Er wordt vooral in ‘hoog Nederland’ (Noord-Brabant en Limburg) in deze stijl gevlochten. Als de stammen van de heg polsdik zij, is de heg klaar om gevlochten te worden. Eerst wordt de heg flink gesnoeid, zodat de vlechter er goed bij kan. De vlechter gebruikt zogenaamde liggers en staanders. De liggers worden schuin ingezaagd met een snoeizaagje of, voor de geoefende vlechters, een traditionele hiep. De verbinding met de sapstroom (een stukje bast en hout) is minimaal anderhalve centimeter dik en mag niet gebroken zijn. De ingezaagde ligger wordt onder een hoek van tachtig graden gebogen en tussen de staanders gevlochten. Staanders staan ongeveer elke meter en worden op een hoogte van honderdtwintig à honderddertig centimeter ingezaagd en gevlochten.

Beoefenaars en betrokkenen

De gemeenschap van maasheggenvlechters bestaat allereerst uit de (vrijwillige) vlechters zelf. De groep zet zich in om het ambacht ook voor jongeren interessant te maken, via het NK Maasheggenvlechten bijvoorbeeld. Diverse organisaties zijn actief, zoals Stichting Vlechtheggen, Stichting De Brabantse Boerderij, Stichting Landschapsbeheer Boxmeer en Stichting Roois Landschap. Natuurlijk zijn de grondeigenaren ook van belang.

Geschiedenis en ontwikkeling

Het vlechten van heggen als veekering is een oud fenomeen, dat in Nederland al eeuwen wordt gedaan. Ook hadden de heggen een functie als brandhoutvoorziening. Rond 1900 lag er in hoog Nederland een netwerk van vele kilometers heggen en houtwallen rond akkers en weilanden. Boeren vlochten de heggen, soms als extra inkomstenbron. Toen het prikkeldraad aan het begin van de twintigste eeuw zijn intrede deed, verloren de heggen hun functie van veekering. Met het verdwijnen van heggen verdween ook het ambacht uit beeld. De kennis bleef bestaan in de hoofden van enkele boeren en in een enkel geval vlocht een boer een stuk heg, om te laten zien hoe het vroeger ging. IVN De Maasvallei vlocht in 1990 een stuk heg langs een wandelpad in Vortum Mullem samen met een oude boer uit Boxmeer. Aan het begin van de eenentwintigste eeuw werd het ambacht rond de uiterwaarden van de Maas ter hoogte van Cuijk, Gennep en Boxmeer weer opgepakt. Op instructie van oude boeren en door hun informatie kon het ambacht nieuw leven worden ingeblazen. Sinds een aantal jaren groeit het aantal maasheggenvlechters weer. Er zijn cursussen om de techniek te leren en er worden nieuwe heggen aangeplant. Via het NK Maasheggenvlechten wordt de traditie in wedstrijdverband doorgegeven

Contact

Stichting Vlechtheggen Zuid Nederland
Overambt 18
5821CE Vierlingsbeek
Website