Het Netwerk Immaterieel Erfgoed laat de variƫteit aan cultuuruitingen zien die erfgoedgemeenschappen, groepen of individuen zelf erkennen als immaterieel erfgoed. Dit immaterieel erfgoed is door henzelf in het Netwerk aangemeld. Kenniscentrum Immaterieel Erfgoed Nederland is derhalve niet verantwoordelijk voor de inhoud van de beschrijving.

Beschrijving

Het jaarlijks binnenhalen en rechtzetten van de St. Gerlachusden in het Zuid-Limburgse Banholt start jaarlijks op paaszondag, wanneer de jaarvergadering van de Jonkheid plaatsvindt. Tijdens deze vergadering wordt het afgelopen jaar doorgenomen, worden evt. bestuursverkiezingen gehouden en worden taken verdeeld omtrent het hele gebeuren rondom de Gerlachusden.

Op Hemelvaartsdag, 10 dagen voor Pinksteren, wordt de oude den die een jaarlang voor de kerk gestaan heeft per opbod verkocht door de kapitein (de voorzitter) van de jonkheid. Op de zaterdag voor Pinksteren, in Banholt Pinksterzaterdag genoemd, start de jonkheid in alle vroegte met het laten omvallen en opruimen van de oude den, de koper zorgt ervoor dat deze afgevoerd wordt. Daarna vertrekt de kapploeg naar het bos waar een nieuwe den, ongeveer 30 meter lang, gekapt wordt. Als eerste wordt deze door de pastoor gezegend op voorspraak van St. Gerlachus, daarna neemt de pastoor gevolgd door de burgemeester de bijl ter hand om de den te kappen. Ondertussen worden er een 35-tal paarden gepoetst en versierd en voor de dennewagen gespannen. Deze gaan op weg naar het bos, waar de nieuwe den handmatig met ‘sjtiepe’(houten steunpalen), op de dennewagen wordt geladen.

De terugweg voert langs vele dorpjes waar bij de plaatselijke cafés halt gehouden wordt. Onderweg zorgt dit voor een prachtige, folklorische stoet die de aandacht van vrijwel alle voorbijgangers trekt. Daarbij is het hele dorp onderweg, en legt tezamen met de paarden en de jonkheid deze hele weg van ongeveer 25km af. Aangekomen in het dorp worden er als teken dat de nieuwe Gerlachusden gearriveerd is, kamers geschoten (saluutschoten) en worden de kleinste kinderen van het dorp op de dennewagen en de nieuwe den gehesen. Onder luid klokkengelui en gezang van de kinderen arriveert de nieuwe den aan de kerk en wordt deze ‘overgedragen’ aan de getrouwde mannen van Banholt. Deze zorgen dat de nieuwe den, handmatig en ook nu weer met ‘sjtiepe’, kaarsrecht naast de kerk komt te staan. Ondertussen is de hele den in het bos ontdaan van z’n takken, uitgezonderd de top, de kruin, hier blijven de takken staan en wordt er de nationale driekleur in bevestigd die, wanneer de den recht staat, fier naar de hemel wijst.Tegen middernacht staat de den recht en kan de Pinksterkermis in het dorp losbarsten. Ook nu weer, bij het binnenkomen en rechtzetten van de den zijn vele honderden tot duizend toeschouwers aanwezig.

De dag erna is iedere dorpsbewoner weer vroeg present, om in de mooiste outfit, deel te nemen aan de processie, de Broonk. Ongeveer het hele dorp en alle verenigingen trekken in deze ‘stoet’ mee, waarin alle vaandels van verenigingen en van de kerk meetrekken, beelden uit de kerk gedragen worden en als laatste het Allerheiligste door de pastoor gedragen wordt onder het ‘Baldakijn’, ook wel de Hemel genoemd. Dit alles om hetgeen we hebben te tonen aan de mensen en de vele toeschouwers, maar ook om de mensen en de huizen te zegenen en wederom, St. Gerlachus te vragen de mensen, het vee, de velden en de gewassen te beschermen.


De straten waardoor de processie trekt worden rijkelijk versierd; huis aan huis wordt de nationale driekleur uitgehangen, kruisjes met vlagjes worden langs de route geplaatst, erebogen worden over de weg heen geplaatst waar onder door de processie kan trekken, zand- en bloementapijten worden er gelegd. Onderweg zijn er Heilige Huisjes, rust-altaren, waar halt gehouden worden, een gebed gedaan wordt en de zegen wordt gegeven met het Allerheiligste, waarbij ook nu weer als saluut kamerschoten klinken. 

Ook nu weer, na het einde van de processie, barsten de feesten los en zijn alle dorpsbewoners en velen van ver erbuiten onderdeel van de kermisfeesten in het dorp die in totaal 4 dagen duren. 

Beoefenaars en betrokkenen

Het halen van de den werd en wordt nog steeds door de Jonkheid (de ongetrouwde mannen van het dorp) georganiseerd en gedaan, het rechtzetten wordt ook nog steeds door de getrouwde mannen van het dorp gedaan. Echter, sinds vele tientallen jaren is dit een activiteit geworden waar vrijwel alle inwoners van Banholt op de een of andere manier bij betrokken zijn. Aan de jaarlijkse processie nemen ook vrijwel alle inwoners van het dorp deel. Het hele gebeuren rondom de St. Gerlachusden mag men zelfs, door de toestroom van de vele toeschouwers, scharen onder regionaal bekend cultureel gebeuren. Beide activiteiten worden georganiseerd door de jonkheid, echter aangezien beide zaken een nauwe verbinding met de katholieke kerk hebben speelt ook de pastoor van de parochie St. Gerlachus een grote en belangrijke rol in beide tradities.

Geschiedenis en ontwikkeling

In 1881 besloot men tot het halen van een St. Gerlachusden. Het is te verklaren uit het feit dat Banholt toen pas tot rectoraat was verheven, nadat men zelfstandig een eigen kerk gebouwd had. Daarvoor behoorde Banholt tot de parochie Mheer. Voor deze tijd werden er in Banholt al sinds lange tijd (hoelang is niet bekend, dit staat nergens ‘geregistreerd’) mei-dennen gehaald. Echter, nu men een eigen kerk gebouwd had en deze ook een officiële status als rectoraat verkregen had ging men ook eigen kermissen invoeren.

Doordat Banholt na de bouw van een eigen kerk een Gerlachusklok en een Gerlachusbeeld gekocht had in Houthem, had men een voorliefde voor de Heilige Gerlachus. Daarom werd er een kermis ingevoerd op de sterfdag van St. Gerlachus, op 5 januari. Ook met Pinksteren ging men deze Heilige vereren. En vanaf dat jaar ging men elk jaar op de zaterdag voor Pinksteren een den halen om St. Gerlachus om bescherming te vragen, elk jaar dus een nieuwe St. Gerlachusden.

St. Gerlachus is door zijn zeven jaren durende boetedoening in Jeruzalem, waar hij de zorg droeg over de veestapel van een gasthuis voor zieken en armen, een geliefde beschermheilige van het vee, het veld en de gewassen. Door het halen van de St. Gerlachusden vragen de inwoners van Banholt en Terhorst, Gerlachus om bescherming van het vee, het veld en de gewassen in Banholt.

Deze den heeft dan ook een katholieke geloofsbetekenis. Van oorsprong is dit een heidens gebruik, dat tegenwoordig een vooral folklorisch gebruik is geworden. Heden ten dage is dit een ‘feest’ voor het hele dorp en mensen uit de wijde omgeving komen deze dag kijken om dit ‘schouwspel’ te aanschouwen.

Zoals eerder vernoemd behoorde Banholt voor 1937 toe tot de parochie van Mheer; ook toen vonden er al processies plaats, startend vanaf de kerk in Mheer trok men toen door Mheer en Banholt.  Echter, sinds Banholt en de Gerlachuskerk officieel erkend werden als een eigen zelfstandige parochie in 1937, besloot men ook dat er een eigen processie moest zijn, want de Banholtenaren waren trots op hun eigen, zelfstandig gebouwen, kerk en wilden dan ook zo snel als mogelijk eigen ‘activiteiten’ hebben. Men besloot om jaarlijks op Pinksterzondag door de straten te trekken met de processie, in het Heuvelland ook wel de Broonk genoemd, om het Allerheiligste te eren en te tonen aan de mensen.

Hieraan zijn door de jaren heen steeds meer mensen deel gaan nemen, ook verenigingen zoals zangkoren, de harmonie en de jonkheid nemen hier deel aan. Tegenwoordig bestaat deze processie nog steeds uit de eigenschappen waarvoor deze ooit bedoeld was, maar ze maakt ook deel uit van de folklore waarvoor onze streek bekend staat.

Contact

Jonkheid Banholt
Past. Pendersstraat 30
6262 PA Banholt
Limburg
Website