Over

Wat is weervisserij

Ansjovis en de 'onvis' (geep, spanjolen, panharing, makreel) vangt men op de Oosterschelde met ‘weren’. Een weer bestaat uit twee rijen vleugels (vleuken) van houten staken die over een lengte van 800 tot 1.000 meter in een V-vorm in de zeebodem staan. De punt van de V wordt gevormd door het fuikgat die precies in de watergeul van het weglopend water ligt. De inwendige hoek van het weer is 45 tot 50°. Het hout van de 4 à 5 meter lange staken, worden dicht bij elkaar in de bodem van de zandplaat gestoken. Naarmate men de plaats van het fuikgat nadert komen de staken steeds dichter bij elkaar te staan. Vlakbij het fuikgat worden aan de staken netten aangebracht die ervoor zorgen dat de vis niet meer kan ontsnappen de zogenaamde weerkamer.

Werking

Bij hoog water steekt het weerhout nauwelijks boven het water uit. Bij laag water vallen de uiteinden van de vleuken droog. De vis die bij hoog water de ondiepe delen van de Oosterschelde opzoekt, gelokt door de iets hogere watertemperatuur boven de ondergelopen zandplaten, raakt binnen het houtwerk van de vleuken. Als de vis bij afgaand tij probeert weg te zwemmen houden de houten staken hem tegen. Zo wordt de vis steeds verder de weerkamer ingedreven. Bij laag water zetten de weervisser een fuik voor het fuikgat en halen de horren weg. Vervolgens drijven ze te voet de vis uit de weerkamer de fuik in. De weervisserij is seizoensgebonden: eind april tot half juli.

Gemeenschap

De familie Van Dort, bestaande uit Cor van Dort (1932, eigenaar van de Firma C.J. van Dort en weervisser) en Lena van Dort-Oosdijk (1937), dochter Rian van Schilt-Van Dort (1962, visverkoop) en Henk van Schilt (1960, weervisser). Zij zetten een paar familieleden in als ondersteuning bij het vissen.

De Stichting Behoud Weervisserij (1997) met een bestuur van zeven personen en een groep van 23 vrijwilligers die vissen, vaartochten begeleiden, gidsen bij vaartochten, evenementen begeleiden, stagiaires begeleiden etc.

De Stichting Behoud Weervisserij weet zich gesteund door 70 donateurs, de 'Vrienden van de Weervisserij'. 

De vele honderden afnemers van de vis (ansjovis, geep, spanjolen, panharing en makreel) zorgen er ook voor dat de weervisserij levend blijft: particulieren en restaurants in en rond Bergen op Zoom. Ze genieten van het streekmenu, het AAA-menu (Ansjovis, Asperges, Aardbeien) zoals dat ook door de Stichting Proefmei, organisator van een groot driedaags culinair evenement in Bergen op Zoom (een topevenement voor de Provincie Noord-Brabant), wordt gepromoot.

Geschiedenis

De opkomst van de ansjovisvisserij op de Oosterschelde hangt samen met ecologische veranderingen van de Scheldemonding in de zestiende eeuw. In 1530 vindt op 5 november, de dag van Sint Felix, een stormvloed plaats die later de Sint Felixvloed (quade saterdach) genoemd is. Grote delen van Zeeland, waaronder het gebied ten oosten van Yerseke, worden overspoeld door het water en volledig weggevaagd. In dat gebied zijn 18 dorpen en de stad Reimerswaal gevestigd. Doordat de stad Reimerswaal iets hoger ligt dan de rest van het gebied, blijft de stad als een klein eilandje achter. Het land er omheen kan echter niet gered worden. Opeenvolgende stormvloeden zorgen ervoor dat wat nog resteert na 1530 alsnog in de golven verdwijnt (o.a. Reimerswaal). De vaarroute van en naar Antwerpen langs de Brabantse Wal verzandt. Een ramp voor de handel in Bergen op Zoom, maar een zegen voor de Bergse vissers. Dicht bij de stad ontstaan in ondiep water rijke visgronden; een ideale paaiplaats voor de ansjovis. Het overstroomde gebied kennen we nu als het Verdronken Land van Zuid-Beveland.

De eerste schriftelijke melding van de weervisserij is in Gildekeur van het Gilde der Vissers van Bergen op Zoom in 1673: er is sprake van 'visweren'. De rijke visgronden voor de kust van Bergen op Zoom worden door zo'n 25 tot 30 weervissers(families) uit Bergen op Zoom en Tholen bevist. Er vinden jarenlang stevige twisten plaats tussen de vissers uit beide steden. Pas in 1784 worden de twisten beslecht door een regeling. Vanaf 1825 worden de weren (weervisserijen) een pachtsysteem van kracht. Het heeft een aantal varianten gekend, maar is feitelijk nog steeds van kracht in de vorm van een eeuwigdurende pacht.

De weervisserij is eeuwenlang een lucratief beroep geweest ondanks de sterk wisselende jaaropbrengsten. De kwaliteit van de ingelegde, gezouten Bergse Ansjovis is onbetwist. De gezouten ansjovis is een delicatesse die door nationale en internationale restaurants wordt geserveerd. Pas na de Tweede Wereldoorlog wordt de ansjovis vers gegeten (gebakken). De weervisserijtraditie is altijd van vader op zoon doorgegeven. Zonen gaan al jong met hun vader mee. Vader en zoon of zonen gaan maatschappen aan of werken samen in het bedrijf van vader. De werkmethode, de boten (hoogaars, schouw, hengst of blazer) en de gereedschappen gaan over van generatie op generatie.

Na de Tweede Wereldoorlog neemt het aantal weervissers langzaam aan af door tegenvallende prijzen, hoge investeringen in nieuw materieel en onzekerheid van de vangsten. De komst van de Oosterscheldkering (1987) en de aanleg van de Oesterdam (1986) hebben een groot effect op de weervisserij. Momenteel is er nog één familie actief in de weervisserij: de familie Van Dort van de Firma C.J. van Dort.          

Organisatie

Stichting Behoud Weervisserij
bouwmanlaan 4
4614ah bergen op zoom
Noord-Brabant
Nederland
Website