Over

Elk jaar, op de woensdag voor Pasen, rijdt vanaf 16.00 uur een boerenkar, voortgetrokken door een of twee paarden door de straten van Niekerk, Oldekerk en Faan. Op de bok zitten 2 mannen. De koetsier ment de paarden en de bijrijder laat een bel luiden om de dorpsbewoners te attenderen op deze traditie die al vanaf 1476 plaatsvindt. Op de boerenwagen bevindt zich een 'houten ton met haringen'. ln werkelijkheid bevinden de plusminus 750 haringen zich reeds in de Zaaier (het verenigingsgebouw pal onder de toren van de twaalfde eeuwse Liudgerkerk te Niekerk). Tegen half 5 arriveert de boerenkar op het terrein van de kerk. Daar wordt te midden van de reeds gearriveerde dorpsbewoners de eerste haring aangeboden aan de voorzitter van het bestuur van de Menno Jeltemastichting. Als deze de haring proefondervindelijk heeft goedgekeurd is dat het startsein dat de dorpsbewoners maximaal 4 haringen mogen ophalen. De haringen zijn gratis en voor alle inwoners van de voormalige gemeente Oldekerk. De laatste jaren is het ook mogelijk om schoongemaakte haringen te krijgen, hiervoor betaalt men 50 cent per haring. Enkele vrijwilligers zorgen vooraf dat De Zaaier 'haringproof' is ingericht. En zo schuifelen onder het toeziend oog van de 5 bestuursleden en de koetsier/bijrijder op de achtergrond, enkele honderden dorpsgenoten tussen 16.30 en 17.30 uur langs de tafels waar de haringen worden uitgereikt, in de hoop dat er niet teveel haringen overblijven, maar vooral dat er niet te kort is (zoals tenminste al eenmaal is gebeurd). Mochten er haringen overblijven dan worden deze gedoneerd aan een zorginstelling binnen de gemeente of er wordt gezocht naar een andere goede bestemming.

Gemeenschap

Het bestuur van de Menno Jeltemastichting, de inwoners van Niekerk, Faan en Oldekerk, vrijwilligers, de koetsier en bijrijder van de kar en de leverancier van de haring.

Geschiedenis

De traditie van de haringuitreiking op de woensdag voor Pasen gaat terug tot het jaar 1476. In dat jaar liet de herenboer Menno Jeltema een legaat na aan het Pepergasthuis in de stad Groningen. Het betrof hier '16 grazen (= 7 ,5 ha) land onder het buurtschap Faan', geschonken met de eeuwigdurende verplichting dat de voogdij van het Pepergasthuis jaarlijks in de vastentijd een ton haring zou zenden aan de kerk van Niekerk. De kerk moest er zorg voor dragen dat de haringen verdeeld werden onder de armen van Niekerk-Oldekerk-Faan. De voogdij heeft zich bijna altijd aan deze verplichting gehouden, ook in tijden dat de haring duur was. Voor zover valt na te gaan heeft men alleen in de Franse Tijd en enkele jaren tijdens de WO I en WO ll niet aan deze verplichting kunnen voldoen. ln 1976 werd de vijfhonderdste uitdeling uitbundig gevierd. De uitreiking in 1976 is nog vertoond in het tv-programma van "Gewest tot gewest". In 1979 werd de verplichting voor 2000 gulden afgekocht. De redenen hiervoor: de haring was te duur geworden en er zouden geen armen meer zijn in Niekerk-Oldekerk-Faan. Maar mogelijk speelde ook mee dat de voogdij van het Pepergasthuis zelf in financieel zwaar weer zat. De Nederlands Hervormde gemeente besloot om genoemd afkoopbedrag onder te brengen in de Menno Jeltemastichting, die opgericht werd om de traditie voort te zetten. ln de jaren na 1979 bleek dat het steeds moeilijker werd om de financiën op peil te houden. ln 1995 is door een gift van de Rabobank het kapitaal toegenomen en de uitreiking voor een aantal jaren gewaarborgd. ln de 20ste eeuw werd een ton met haringen per beurtdienst naar Niekerk gebracht en werd de ton het laatste deel rollend naar de kerk gebracht. De tocht van de harington met kar door het dorp bestaat waarschijnlijk sinds 1976. De laatste decennia worden niet alle haringen meer door het dorp vervoerd. Vanwege hygiëne en Hacap-regels bevinden de meeste haringen zich al in het lokaal waar de uitdeling plaatsvindt. Sinds halverwege de jaren negentig is het mogelijk om schoongemaakte haringen tegen een kleine vergoeding te krijgen. De meeste bewoners van de dorpen beheersten de techniek van het haring schoonmaken niet meer en daarom nam de animo af om niet-schoongemaakte haringen op te halen. Ook de oorspronkelijke doelgroep, de armen van Niekerk, Oldekerk en Faan, is de laatste 60 tot 70 jaar sterk geslonken, vandaar dat iedere inwoner op het gebied van de voormalige gemeente Oldekerk in aanmerking komt voor de haring. Niet alleen op de woensdag voor Pasen is de traditie zichtbaar, vlakbij de kerk in Niekerk bevindt zich namelijk een standbeeld genaamd "De haringeters".

Organisatie

Menno Jeltema Stichting
Grootegast