Onze adviseur immaterieel erfgoed Kelly Warnaar-Boender was hierbij aanwezig en zette haar bevindingen en de hoogtepunten van de dag op een rij. Zo kunnen ook beleidsmakers die er niet bij waren, maar wél (willen) werken met immaterieel erfgoed, gebruikmaken van de opgedane inzichten. Wil je dit artikel delen? Graag! Je kunt het artikel ook downloaden als pdf door hier te klikken.
In het dorpshuis Het Tonnenmagazijn in Brouwershaven kwam op woensdagochtend 26 november het netwerk van beleidsmedewerkers uit verschillende Zeeuwse gemeenten samen. Dit keer stond hun kennisdag in het teken van immaterieel erfgoedbeleid. Imke Elstak, adviseur immaterieel erfgoed bij Erfgoed Zeeland, en Kelly Warnaar-Boender, adviseur bij Kenniscentrum Immaterieel Erfgoed Nederland (KIEN), verzorgden het programma in samenwerking met steunpunt cultureel erfgoed van Erfgoed Zeeland. Carolien Fokke was aanwezig namens de Provincie Zeeland om meer te vertellen over de nieuwe subsidieregeling voor o.a. immaterieel erfgoed die in 2026 opengaat. De meerderheid van de aanwezige beleidsmedewerkers werkt op een afdeling ‘erfgoed’ bij een van de Zeeuwse gemeenten, maar er waren ook medewerkers van leefbaarheid en van toerisme en recreatie aanwezig. Twee domeinen die, zo bleek gaandeweg de ochtend, eveneens relevant zijn voor immaterieel erfgoed.
Waar begin je als gemeente?
De dag startte, na koffie met wat lekkers, met een mini-college van Kelly over wat immaterieel erfgoed precies inhoudt. Het blijkt voor veel mensen lastig te vatten, omdat we vaak nog een traditioneel beeld hebben bij de term ‘erfgoed’. Naast klassieke erfgoedwaarden als historisch, uniek of mooi, kun je bij immaterieel erfgoed vooral denken aan waarden als verbinding, zingeving en het ontwikkelen van vaardigheden. Immaterieel erfgoed leeft midden in de samenleving, tussen mensen. Je kunt dit erfgoed alleen behouden als je weet wat deze mensen, de beoefenaren, nodig hebben om het te blijven doen. Dat vraagt om een heel andere aanpak dan bij materieel erfgoed, waar de huidige gemeentelijke taken nu nog vooral op zijn toegespitst. Toch staat in de Kamerbrief over immaterieel erfgoed uit 2024 dat gemeenten en provincies aan zet zijn als het op immaterieel erfgoed aankomt. De Rijksoverheid wil dat deze overheden ‘gezonde randvoorwaarden’ voor immaterieel erfgoedbeoefening creëren. Maar hoe doe je dat als gemeente, en waar begin je?
Contact met beoefenaren van immaterieel erfgoed
Verschillende praktijkvoorbeelden kwamen voorbij, want hoewel geen enkele gemeente daar al hét antwoord op heeft, zetten steeds meer gemeenten de eerste stappen. In contact komen met immaterieel erfgoedbeoefenaren is daarbij een hele belangrijke stap.
Als immaterieel erfgoedbeoefenaar was Straô-comitélid Margo Grevel aanwezig. In een interview met Kelly benadrukte ze dit: “Waardering, dat is wat wij nodig hebben van de gemeente. En dat zit ’m niet in geld. Maar wel in ons uitnodigen voor een gesprek, zodat we ons gezien voelen en het misschien kunnen hebben over waar de gemeente voor ons sommige lasten kan verlichten.”
In gesprek gaan én blijven met beoefenaren is niet alleen onderdeel van de voorbereidingsfase van immaterieel erfgoedbeleid; het ís onderdeel van dat beleid. Ook iets ‘kleins’, zoals het faciliteren van ruimtes voor immaterieel erfgoedbeoefenaren, kan al veel betekenen.
Carolien Fokke, beleidsadviseur Provincie Zeeland, geeft een presentatie aan de aanwezigen.
Praktisch worden
Na de presentatie en oproep van Carolien aan de aanwezigen om vooral mee te denken over de provinciale subsidieregeling voor onder andere immaterieel erfgoed in wording, was het tijd voor de werksessie. Want als gemeenten geacht worden met immaterieel erfgoed aan de slag te gaan, moeten ze vooral kijken naar wat zij zelf hiervoor in huis hebben – of nog nodig hebben. En dan moet je praktisch worden. Tijd voor een nieuw, apart immaterieel erfgoedtraject hebben de meeste gemeenten niet. Gelukkig is dat bij immaterieel erfgoed ook niet nodig; juist een integrale aanpak past goed.
Zoals één ambtenaar opmerkte: sommige immateriële erfgoederen zijn al belegd bij andere afdelingen; moet ik die dan naar me toe halen? Het antwoord was een duidelijk ‘nee, vooral niet doen’. Wat je wél kunt doen, is collega’s ervan bewust maken dat zij met immaterieel erfgoed bezig zijn. Schrijf het op in een zienswijze, zorg dat het ergens in een nota komt te staan, bijvoorbeeld in een cultuur- of erfgoedvisie. Wie schrijft, blijft.
De immaterieel-erfgoedbril opzetten
Het herkennen van immaterieel erfgoed in de eigen gemeente was de eerste opdracht van de werksessie. Dit bracht veel vragen naar boven, zoals: is de honderd jaar oude turnvereniging dan ook immaterieel erfgoed? En: Koningsdag en oorlogsherdenkingen zijn landelijke vormen van immaterieel erfgoed; zijn de lokale Oranjeverenigingen en herdenkingscomités dan ook gemeentelijk immaterieel erfgoed? En: moet het erfgoed ‘typisch’ zijn voor mijn dorp? De immaterieel-erfgoedbril ging op en materiële uitgangspunten werden steeds meer losgelaten. Daarmee lukte het om voor elke gemeente tientallen vormen van immaterieel erfgoed te identificeren, zonder dat die per se ‘typische’ kenmerken hoefden te hebben.
Durf te kiezen en begin klein
Een belangrijke conclusie: of iets wel of niet immaterieel erfgoed is, ontdek je pas echt als je met de mensen gaat spreken. Hechten de leden erfgoedwaarden aan de turnvereniging? En of iets landelijk beoefend wordt, doet niets af aan de cultureel-maatschappelijke impact die een lokaal comité heeft. Dus: hup, op dat lijstje. En dat dat lijstje lang is, hoeft niet te betekenen dat je met álle vormen iets moet. Je mag als gemeente je eigen zwaartepunten leggen en kiezen met welke vorm van immaterieel erfgoed je je beleid wilt starten. Beginnen is beter dan niets doen: houd het vooral klein. Sluit aan bij thema’s die al belangrijk zijn binnen jouw gemeente. Ook timing speelt een rol: “Bij ons wordt binnenkort de erfgoednota geüpdatet,” merkte iemand op. Een mooi moment om immaterieel erfgoed dit keer mee te nemen.
Beleidsterreinen en bondgenoten
Ook bleek dat nieuw geïdentificeerd immaterieel erfgoed raakt aan veel beleidsterreinen – zo niet aan alle. Aan groen, cultuur, citymarketing, het vergunningsloket enzovoort. Welke het meest logisch is om immaterieel erfgoed aan te koppelen, verschilt per gemeente en zelfs per ambtenaar. Wie ken je al binnen de organisatie? En: waar bevindt zich je werkplek? Omdat immaterieel erfgoed geen juridisch kader heeft, heb je bondgenoten nodig binnen je organisatie om het op de kaart te zetten. Handig als dat je directe collega’s zijn!
Kelly Warnaar-Boender, adviseur bij KIEN, in gesprek met beleidsmedewerkers.
Elkaar ‘gewoon’ ontmoeten
In de laatste fase van de werksessie stond centraal hoe ambtenaren in contact kunnen komen met immaterieel erfgoedbeoefenaren. Hoe begin je met participatie? Maak het vooral niet te groot, was de strekking. De realiteit is dat niemand tijd over heeft, dus haak aan bij bestaande evenementen waar je beoefenaren verwacht: in buurthuizen, cultuurcentra of tijdens Open Monumentendagen. Of maak immaterieel erfgoed een extra agenda-item binnen bestaande overlegstructuren. Ook is het een goed idee om eens per jaar een ontmoetingsdag tussen beoefenaren en gemeenteambtenaren te organiseren, waarbij beoefenaren merken: ik doe ertoe. En ga dan niet, in de woorden van Margo, hele mailings opstellen: “Plaats gewoon een advertentie in het lokale dagblad en nodig mensen uit om te komen.” Zo simpel kan het zijn. Maar, benadrukte Kelly, formuleer je doelgroep zorgvuldig. Veel beoefenaren zien zichzelf niet als ‘erfgoed’, hebben andere associaties bij de term en voelen zich daardoor niet aangesproken. “Zorg dat je de verenigingen, traditiedragers en ambachtsmensen echt aanspreekt zodra je zo’n oproep plaatst.”
Hoe verder?
Voor gemeenten die na deze kennisdag zelf stappen willen zetten, zijn het regionale erfgoedhuis en steunpunt een vanzelfsprekend eerste aanspreekpunt. Zij kunnen ondersteunen bij een eerste, laagdrempelige verkenning van immaterieel erfgoed in de gemeente, bijvoorbeeld door mee te denken over welke vormen er leven of door een kennismakingsgesprek met beoefenaren te organiseren. Erfgoedcoach Imke van Erfgoed Zeeland nodigt deelnemers uit om vooral contact op te nemen en samen op te trekken. Kelly onderschrijft deze werkwijze, die aansluit bij het advies om klein te beginnen en aan te haken bij wat er al is.
Daarnaast werkt de Provincie Zeeland verder aan de nieuwe subsidiemogelijkheden voor immaterieel erfgoed die in 2026 van start gaan. Het is daarbij belangrijk dat gemeenten en provincie samen optrekken, zodat beoefenaren in de regio goed worden bereikt en optimaal kunnen profiteren van de kansen die deze regeling biedt.
Meer lezen of sparren over beleid en immaterieel erfgoed?
Bij KIEN hebben we veel kennis en expertise in huis als het aankomt op immaterieel erfgoed in beleid. Zo adviseren we regelmatig beleidsmakers, overheden en gemeenten over immaterieel erfgoed in de omgevingsvisie. Ben jij bezig met beleid, en zou je graag meer willen weten over welke rol immaterieel erfgoed in jouw werk of gemeente kan spelen? Blader dan gerust rond in onze Kennisbank, vol met lees en kijkvoer over beleid en immaterieel erfgoed. Wil je sparren over ideeën of vraagstukken? Ook dat kan. Stuur een mail naar info@immaterieelerfgoed.nl of bel ons via 026 357 6113. We staan je graag te woord!